Integratiekader op weg naar volwaardige personeelsleden?

Met de ondertekening in maart van de CAO voor ATP in het integratiekader, timmeren de vakbond en de KU Leuven samen aan de harmonisering van personeelsstatuten aan de KU Leuven. Een lastige stap, in een complex verhaal. Maar waar komt dit ‘integratiekader’ vandaan? En welke ongelijkheden blijven nog op de (onderhandelings)tafel liggen?

BAMA-kinderen

De oorsprong van de integratiekader-statuten aan de KU Leuven ligt in de Europese Bologna-hervorming. De Vlaamse regering ondertekende als deel van dit hervormingsproces in 1999 de beginselverklaring over het creëren van een Europese ruimte voor hoger onderwijs. Hiermee verklaarde 48 regio’s wereldwijd de intentie om te zorgen voor:

Deze ondertekening leidde in 2003 tot de invoering van de bachelor-masterstructuur (BAMA). Het Vlaamse hoger onderwijs werd vanaf dan georganiseerd in bachelor- en masteropleidingen. De 3-jarige opleidingen aan de hogescholen werden ingeschaald als professionele bachelors en alle universitaire richtingen werden academische bachelors (eerste 3 jaren) en academische masters (1 of 2 jaar). De 4-jarige opleidingen aan de hogescholen moesten ook worden ingeschaald en hier werd er geopteerd om deze ook als academische bachelors/masters in te schalen. Het gaat over de vroegere hogeschoolopleidingen zoals industrieel ingenieur, architectuur, toegepaste taalkunde, en handelswetenschappen en bedrijfskunde.

Aangezien na de hervorming enkel de universiteit academische richtingen mag aanbieden, moesten deze opleidingen bijgevolg integreren binnen een Vlaamse universiteit. Dit integratieproces werd verdedigd als een rationalisering — en dus vereenvoudiging — van het Vlaamse hoger onderwijs, maar kan ook gezien worden als een noodgedwongen harmonisering ten gevolge van de Bologna-overeenkomst.

Keuze voor uitdovende statuten

De KU Leuven koos ervoor om de huidige personeelsstatuten die reeds bestonden in de hogescholen (ATP-IK, OP1, OP2, OP3) zoveel mogelijk te integreren binnen de bestaande organisatiestructuren en -statuten. Vanaf de start was het duidelijk dat het integratiekader binnen KU Leuven uitdovend zou zijn. In de praktijk betekent dit dat er niemand nog wordt toegelaten in dit statuut en dat men zelfs aangemoedigd wordt om het statuut te verlaten.

Voor elk van deze statuten manifesteerde dit uitdoofscenario zich op andere vlakken:

  • ATP-IK behield zijn (gunstige) verlonings- en verlofregelingsvoorwaarden maar de toekomstige bevorderings- en benoemingsruimte werd door KU Leuven geblokkeerd tot er een nieuwe CAO wordt goedgekeurd. Deze CAO ATP integratiekader werd op 15 maart 2018  afgesloten.  
  • OP1/2-leden behielden decretaal hun volledige rechtspositie van voor de integratie. In de praktijk mogen OP1/2-personeelsleden geen coördinator meer worden van nieuwe vakken die buiten hun vroegere expertise domein liggen, en hebben ze geen recht om kredietbeheerder te zijn of interne onderzoeksfondsaanvragen in te dienen. Dit wordt voor veel OP1/2-leden ervaren als wantrouwen vanuit de instelling t.o.v. hun kwaliteiten, en zorgt bijgevolg voor gevoel van segregatie bij deze personen.
  • OP3-leden behielden decretaal ook hun volledige rechtspositie, maar werden er zeer snel op attent gemaakt dat ze zich geen professor (meer) mogen noemen, niet togagerechtigd tijdens academische zittingen, en geen promotor mogen zijn van doctoraten.

Afwezige faciliteiten

De statuutverschillen tussen het integratiekader en de rest van het KU Leuven-personeel, is ook zichtbaar in de faciliteiten die niet toegankelijk zijn (de volledig lijst op het KU Leuven-intranet):

  • geen recht op opvang in universitaire kinderdagverblijven, of gratis CAW-dienstverlening bij persoonlijke of gezinsmoeilijkheden;
  • geen personeelstarief bij Alma (excl. Campus Groep T);
  • geen recht op terugbetaling remgeld UZ Leuven, en de gratis check-up door IDEWE;
  • geen recht op het personeelstarief bij gebruik van lokalen en facilitaire dienstverlening;
  • geen tegemoetkoming in de begrafeniskosten.

Naar volwaardige personeelsleden?

ACV KU Leuven vraagt dat de KU Leuven alle ongelijkheden tussen het integratiekader en de andere KU Leuven personeelsleden zoveel mogelijk wegwerkt, en dat leden van het integratiekader als volwaardige personeelsleden van de universiteit worden aanvaard. Dit zou betekenen dat de integratie zoveel mogelijk zou worden omgevormd tot een inclusie-verhaal waar alle KU Leuven-personeelsleden op gelijke voet worden benaderd qua faciliteiten i.v.m. ICT, personeelsvoordelen, gezondheid en veiligheid, en verzekeringen.



Graag jouw reactie, vraag of ervaring!