KU Leuven stapt uit controversieel LAW-TRAIN consortium

KU Leuven zal uit het onderzoeksconsortium LAW-TRAIN stappen omwille de rol van de Israëlische partners in de bezetting van Palestijnse gebieden, en engageert zich voor een ethisch charter voor onderzoeksprojecten. We vroegen Karel Arnaut wat hij vanuit de werkgroep tegen LAW-TRAIN hier van vindt.

LAW-TRAIN is een Horizon 2020-onderzoeksproject dat ondervragingstechnieken van de politie bij ‘cross-border’ misdrijven probeert te optimaliseren. De Israëlische politie en Ministerie van Binnenlandse Veiligheid zijn centrale maar meteen ook de meest omstreden partners in het project, omwille van de mensenrechtenschendingen waarvoor ze verantwoordelijk zijn.

Door petities, (Metaforum-)debatten, media-interventies, en een open brief ijvert o.a. de Werkgroep Leuvense academici tegen LAW-TRAIN en Stop Law Train dan ook voor het stopzetten van dit onderzoeksproject omwille van ethische en mensenrechtenoverwegingen. Onder Torfs kwam er weinig beweging in het dossier, maar met de rectorwissel in mei is dit debat hernomen met de nieuwe rector Sels. Ook ACV KU Leuven heeft bij de rectorsverkiezingen beide kandidaten de kwestie van LAW-TRAIN voorgelegd in ons syndicaal tienpuntenprogramma.

De KU Leuven heeft nu beslist om de huidige fase van het LAW-TRAIN project nog tot april 2018 uit te doen, maar niet deel te nemen aan een vervolgproject van het consortium. Deze beslissing wordt gemotiveerd door het ethisch probleem van eelname in een project met partners die optreden als “de sterke arm van de Israëlische regering in het afdwingen van een onrechtmatige bezetting van de Palestijnse gebieden en de ermee verbonden onderdrukking die de Palestijnse bevolking ondergaat”. Tegelijkertijd engageert de KU Leuven zich om een mensenrechtencharter te ontwikkelen dat in de toekomst een betere houvast kan bieden bij de deelname aan onderzoeksprojecten.

Positieve beleidskeuze

Voor ACV KU Leuven is dit een positieve keuze van de nieuwe beleidsploeg. Ook Karel Arnaut klinkt vanuit de werkgroep gematigd optimistisch over dit resultaat. Het gaat weliswaar niet om de gevraagde onmiddellijke stopzetting van het project, maar het bevat een aantal zeer positieve punten naar de toekomst toe. “Zo is het voor ons ook belangrijk dat de beslissing en communicatie verder gaat dan de concrete casus, en ook verwijst naar het principiële probleem om met zulke partners aan Israëlische zijde samen te werken”, aldus Karel. Ook verhoogt de beslissing van de KU Leuven om niet in het vervolgproject te stappen de druk op andere partners — zoals de Belgische FOD Justitie — om hetzelfde te doen.

Ook het engagement om een charter op te stellen is volgens Karel absoluut een stap vooruit. Het maakt in de eerste plaats de beoordeling en discussie over dit soort thema’s al minder ‘persoonlijk’ — nu plaatst het soms noodgedwongen collega’s tegenover elkaar. Als voorbeeld van zulk een charter kijkt de werkgroep o.a. naar de UGent, waar een gelijkaardig initiatief is genomen met inbreng van bv. mensenrechtenspecialiste Eva Brems.

Uitwerking charter nog onduidelijk

Hij gelooft wel in het principe van een charter, maar wat de uiteindelijke concrete inbedding en procedures betreft, heeft Karel wel nog vraagtekens. “Op Europees niveau zijn er ook principes, afspraken en beoordelingsorganen die de ethische dimensies van onderzoek en de onderzoekspartners aftoetsen. We zien echter dat dit soort projecten er toch doorgeraakt”. Vanuit de actiegroep hopen ze dan ook dat ze in de aangekondigde charterwerkgroep betrokken worden, gezien het belang van een kritische kijk en de in de actiegroep aanwezige en ondertussen verder opgebouwde expertise.

Charter of niet, het gaat echter steeds een uitdaging blijven om dit soort aandachtspunten te verankeren in het onderzoeksproces. “Een breder probleem is dat bij de beoordeling van de ethische aspecten van onderzoek, men vooral naar het individueel niveau kijkt. Bijvoorbeeld, hoe gaat men correct om met respondenten, collega’s, proefpersonen, etc. Het is ook meer eenvoudig om procedures hier over op te stellen, dan over ethische vraagtekens die gaan over de maatschappelijke context of de finaliteit van onderzoek waar een universiteit aan meewerkt.”

Risico’s onderzoeksfinanciering

Binnen ACV KU Leuven verwees men bij de bespreking van de LAW-TRAIN problematiek dan ook naar de veranderende financiering van universitair onderzoek. Het aandeel van de eerste pijler — de basisfinanciering door de overheid voor de publieke functie van universitair onderwijs en onderzoek — blijft dalen ten voordele van competitief te verwerven middelen en private financiering. Dit verhoogt steeds de kans dat er opdrachtgevers, financierders of private partners betrokken zijn met een achtergrond of doelstelling die voor (een deel van) de universitaire gemeenschap strijdig zijn met de maatschappelijke rol van een universiteit. Een charter om de ethische dimensie van onderzoeksprojecten te beoordelen is absoluut nodig en een goede beleidskeuze, maar het zal toekomstige discussies niet automatisch oplossen.

(Foto: Pour la Palestine, Facebook)



Graag jouw reactie, vraag of ervaring!